Lepel
Tinnen lepel met merk op steel: gekroonde hamer. Platte zeskante steel met ijzeren kern.
Lepel
lepel, tin
Lepel
Ijzeren (blikken) opscheplepel met ijzeren ring aan handvat.
Lepel
Tinnen lepel met ovale bak. Zeskante steel met afgeronde top. Steelaanzet: dubbel lof.
Lepel
Tinnen lepel met ovale bak. Zeskante steel met afgeronde top. Steelaanzet: dubbel lof.
Bot van een lepelaar. Fragment van carpometacarpus.
Bot van een lepelaar. Scapula, schouderblad.
Bot van een lepelaar. Pelvis, bekken.
Bot van een lepelaar. Ulna, ellepijp, met trauma aan grotere uiteinde.
Vingerhoed
Vingerhoed, fragment, messing.
Ring
Ring met oogje, messing.
Speld
Speld, messing. Metaal ongeconserveerd.
Haak
Ijzeren haak met messing, halve bolletjes aan de punten. Mogelijk decoratieve lasthaak voor zakken, kleding of kroonluchter.
Koekenpan
Ijzeren koekenpan met merk: ‘E.W.T +’. Onderop zit middenin een koperen knoop met een spijker vast, mogelijk om een gat in de pan te dichten. Op de knoop staat: ‘NED MAATSCHy TOT ADGe DIENSTVg’.
Haak
Ijzeren haak met ketting en losse schakels. Deze ketting werd gebruikt om pannen bodem het vuur te hangen en deze in hoogte te kunnen stellen.
Hooivork
Ijzeren hooivork met drie tanden.
Moker
Ijzeren moker met oneven hamervlak.
Giettang
Ijzeren giettang voor kogels. In de platte bek kunnen twee maal 11 kogeltjes gegoten worden. In het ontwerp van het handvat is ook een schaar verwerkt voor het afwerken van de kogeljes. De kogeltjes hebben een diameter van ca. 0.6cm en hebben een pitvorm i.p.v. rond.
Slotbeslag
Messing slotplaat met gestanst krans en bloemmotief.
Mes
Ijzeren met met ivoren handvat. Afgekort lemmet dat later is bijgepunt.
Beeld
Beeldje van staand vrouwenfiguur. Witbakkend aardewerk met groen loodglazuur.